Zelfstandig routerijden
Het rijden naar vaste coördinatiepunten is vervallen. Hier-voor in de plaats is het rijden
naar oriëntatiepunten opgenoemde plek
Dit kunnen zichtbare gebouwen/objecten zijn, of een voor de kandidaat bekend punt.
De clusteropdracht kan eventueel ook rijdend gegeven worden.
Tijdens het zelfstandig routerijden mag gebruik worden gemaakt van de ANWB-borden of andere routeborden.
De keuze voor de vorm van het zelfstandig routerijden hoeft niet vooraf aangegeven te worden.
Tijdens het zelfstandig routerijden kan de kandidaat – indien noodzakelijk- verdere aanwijzingen
vragen tijdens het rijden.
(stoppen mag, maar is niet verplicht)
Tijdens het rijden met het navigatiesysteem is het bepalen van de routevariant aan de examinator.
Deze kan naar behoefte kiezen voor de kortste of de snelste route, snelweg vermijden en dergelijke.
Rijscholen worden verzocht om het adres van het CBR onder de favorieten in de navigatie-apparatuur op te slaan.
Bijzondere manoeuvres
Het wegrijden na de stopopdracht of na een parkeeropdracht is onderdeel van de bijzondere manoeuvre,
indien afwijkend gedrag bij het wegrijden een relatie heeft met die bijzondere manoeuvre.
Een bijzondere manoeuvre die door de kandidaat op eigen initiatief wordt uitgevoerd, omdat deze
bijvoorbeeld de route niet meer weet,
verkeerd is gereden, of omdat het navigatiesysteem hiertoe opdracht geeft, kan als bijzondere
manoeuvre worden aangemerkt.
Tijdens het zelfstandig routerijden is het toegestaan om een parkeeropdracht, stopopdracht of een
hellingproef te laten uitvoeren.
Dit geldt niet voor de omkeeropdracht.
Voor het parkeren in een straat wordt niet langer een richtpunt opgegeven.
De kandidaat dient zelf een geschikte plaats in de betreffende straat te kiezen.
Situatiebevraging
Situatiebevraging kan in de beoordeling worden betrokken.
Situatiebevraging kan zowel een positieve als een negatieve invloed hebben op de beoordeling.
Situatiebevraging hoeft niet vooraf aangekondigd te worden.
Zelfreflectie
Het zelfreflectieformulier heeft een waarderingsschaal van 1 tot en met 10.
Zelfreflectie is een integraal onderdeel van het eindgesprek.
Bron: Reflector februari 2009
Alhoewel de basisprincipes van de bijzondere verrichtingen als uitgangspunt voor je voertuig-beheersing
nog uitstekend van pas komen,
komen de accenten op een grotere keuzevrijheid en meer zelfstandigheid -bij de uitvoering van je
opdrachten- te liggen.
Jij als kandidaat geeft zo een nauwkeuriger beeld van je kunnen, inzicht en gedrag binnen het dagelijks verkeer.
Feitelijk sluit de nieuwe wijze van examineren dus meer aan op de praktijk,
waarin je -na het behalen van je rijbewijs- ook steeds adequaat en veilig moet reageren op steeds
wisselende verkeerssituaties. Welke opdrachten kun je verwachten De omkeeropdracht
Bij de omkeeropdracht krijgt de kandidaat al rijdende te horen dat hij de weg in tegenovergestelde
richting moet gaan volgen.
De kandidaat kiest zelf de plaats en de wijze waarop hij keert. Hij kan dit doen via een halve draai, steken
of een bocht achteruit.
De kandidaat moet laten zien dat hij op basis van een goede inschatting van de verkeerssituatie tot een
adequate oplossing komt.
Parkeeropdracht
De examinator kan ook kiezen voor een parkeeropdracht in een straat of op een parkeerterrein.
Hierbij krijgt de kandidaat de opdracht om de auto zo dicht mogelijk bij een opgegeven locatie te parkeren.
Dit kan bijvoorbeeld de ingang van een winkelcentrum zijn. Ook hier bepaalt de kandidaat zelf hoe hij de
parkeeropdracht uitvoert.
Stopopdracht
Verder is een stopopdracht mogelijk. Daarbij moet de kandidaat zo kort mogelijk achter een ander voertuig
stoppen,
om aansluitend vooruitrijdend weer aan het verkeer deel te nemen. Dit kan zowel aan de linker- als
rechterzijde van de rijbaan.
Hierbij is het van belang dat de kandidaat een juiste inschatting heeft van de lengte van de neus van de auto.
Van deze drie kiest de examinator er twee. Daarnaast kan de examinator steekproefsgewijs de
hellingproef laten uitvoeren.
Bij de uitvoering van de bijzondere manoeuvres is niet alleen het technische aspect belangrijk.
Er wordt vooral ook gelet op de keuzes die daaraan vooraf gaan, zoals de plaats, het moment en de wijze
waarop de kandidaat de opdracht uitvoert.